Songs of Sons?

Songs of Sons?

De nieuwe U2 heb ik moeilijk ontvangen. Om te beginnen verscheen hij precies op de dag dat ik ging verhuizen naar een nieuwe gemeente. Ik had er lang en met smart op gewacht, maar nu was ik niet in de stemming. Maar dan vooral de manier waarop hij verscheen! Ik hou niet van muziek van de computer. Geef mij alsjeblieft lp’s en cd’s! Ineens had iedereen hem en ik dus niet. Chagrijn. Voor mij is de release van de nieuwe U2 gepaard gegaan met chagrijn. En dat was zo sterk, dat ik hem toen hij dan eindelijk ook fysiek in de winkel lag, niet eens meteen ben gaan halen. En toen ik hem had vond ik dat er te weinig lucht zat in de klank. Ik vond hem overgeproduceerd. En dat is dus het punt: U2 is de onschuld zover voorbij, dat ze nooit meer zo’n onverantwoorde plaat als ‘October’ zouden kunnen maken – de plaat waarover ze in ‘U2 by U2’ hebben gezegd dat ze er definitief om hadden mogen worden verbannen uit de wereld van punk, new wave en rock. Ze hebben er te lang over gedaan, met te weinig durf. Na ‘Pop’ hebben ze ook zo’n periode gehad. Ik kan er nóg van balen dat ze, toen hij slecht bleek te verkopen, meenden te moeten verklaren dat het geen goeie plaat was. Zo volgde er ook op het geweldige ‘No line on the horizon,’ die commercieel gezien een flop was, een periode van niet durven. Vijf jaar! En dus gaat het ook een beetje over henzelf als Bono in ‘Every breaking wave’ zingt: “We know that we fear to win and so we end before we begin.” Terwijl, als er vroeger één band was , die de kunst van het bluffen verstond, dan was dat U2. Het heeft ze moeite gekost hun faalangst te overwinnen. En dit is toch gelukt. Tot mijn vreugde las ik in de Mojo van deze januari dit strijdbare citaat: “We believed in punk rock. We lived it. We’re still living it!” En op verontschuldigingen voor de manier van uitbrengen hoefden we niet te rekenen.

 

Dat had ik even nodig. En intussen heb ik eindelijk ook door dat “Son gs of innocence” een prima plaat is en dat we verwachtingen mogen hebben over wat er nog gaat komen. “We were pilgrims on our way,” zingt Bono in ‘The miracle.’ Dat zijn ze nog steeds: pelgrims onder­weg. En met dat de levenservaring toeneemt, neemt de onschuld af – onderweg kwijtgeraakt!

 

De opvolger gaat ‘Songs of experience’ heten. Gaat die straks soms een herwonnen onschuld laten zien? Van de filosoof Ricoeur stamt het inzicht dat de rijpere mens een tweede naïviteit kan bereiken. In zijn eerste naïviteit rolde Bono vechtend over de grond. In een gesprek met Ruud de Wild vertelde hij laatst dat geweld en geweldloosheid hem fascineren. Daarbij kent hij zijn eigen agressie en laat hij zich inspireren door de man van de ene en de andere wang. Als ik dan de schrijfwijze zie van ‘Son gs of innocence,’ dat wil zeggen mét spatie, kan ik me niet meer losmaken van de gedachte dat Bono ‘Sons of anarchy’ volgt. In deze serie over een motor­club in Californië behoort het gebruik van geweld tot de way of life. Grof geweld in de relatief vredelievende westerse wereld. Terwijl de wereld als geheel van bloedvergieten en verkrachten aan elkaar hangt. Als je als manse man kijkt naar ‘Sons of anarchy’ voel je de aantrekkingskracht van een dergelijke manier van leven. En juist succesvolle rocksterren kunnen zich zo ongeveer alles permitteren – zie de Rolling Stones met hun geflirt met de Hell’s Angels. Dat vraagt een keuze: hoe wil je leven? Als Sons of innocence! Ik moet denken aan hun optreden ten tijde van ‘War’. Toen kwamen ze militant op, zwaaiend met witte vlaggen. “Wij komen ongewapend! Ongewapend komen wij eraan!”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *