Bijbels koningschap en onze regering

Wat verdienen wij Nederlanders voor regering? Een preek die ik maakte om één dag na thuiskomst van een week vakantie in het buitenland te houden (op 21 februari). Toen ik thuis kwam bleek het kabinet te zijn gevallen. Dat maakte dit verhaal des te actueler.

Een goede vraag om mee bezig te zijn in de veertigdagentijd: wat verdient ons land voor een regering? Het stuk over de actuele politiek begint iets over de helft. Enige kritiek op Balkenende is toch wel erg op z’n plaats..

 

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

Spreuken 25
1 Hier volgen andere spreuken van Salomo, die de dienaren van koning Hizkia van Juda hebben gekopieerd.
2 Eer aan God, omdat hij dingen verbergt, eer aan de koning, omdat hij dingen onderzoekt.
3 Zo peilloos hoog als de hemel, zo peilloos diep als de aarde, zo peilloos is het hart van een koning.
4 Als het zilver van onzuiverheden is ontdaan, maakt de edelsmid een prachtige vaas.
5 Als de koning zich ontdoet van goddelozen, schraagt gerechtigheid zijn troon.
6 Gedraag je niet aanmatigend in aanwezigheid van de koning, ga niet op de plaats van een voornaam persoon staan.
7 Het is beter dat de koning je naar voren roept dan dat hij je plaats laat maken voor een edelman.

Marcus 8
1 Toen er op een keer weer een grote menigte bijeen was, en ze niets meer te eten hadden, riep hij de leerlingen bij zich en zei tegen hen: 2 ‘Ik heb medelijden met al die mensen, want ze zijn nu al drie dagen bij me en hebben niets meer te eten. 3 Als ik hen met een lege maag naar huis stuur, zullen ze onderweg bezwijken; sommigen zijn immers van ver gekomen.’ 4 Zijn leerlingen antwoordden: ‘Maar hoe zou iemand hen hier, in deze verlatenheid, van genoeg brood kunnen voorzien?’ 5 Hij vroeg hun: ‘Hoeveel broden hebben jullie?’ ‘Zeven,’ antwoordden ze. 6 Hij zei tegen de mensen dat ze op de grond moesten gaan zitten; hij nam de zeven broden, sprak het dankgebed uit, brak de broden en gaf ze aan de leerlingen om ze aan de mensen uit te delen, en dat deden ze. 7 Ze hadden ook een paar kleine vissen bij zich; hij sprak er het zegengebed over uit en zei dat ze ook de vissen moesten uitdelen. 8 De mensen aten tot ze verzadigd waren; de leerlingen haalden op wat er van het eten overschoot: zeven manden vol. 9 Er waren ongeveer vierduizend mensen. Toen stuurde hij hen weg. 10 Meteen daarna stapte hij met zijn leerlingen in de boot en voer naar het gebied van Dalmanuta. 11 Daar kwamen de farizeeën op hem af, en ze begonnen met hem te discussiëren. Om hem op de proef te stellen, verlangden ze van hem een teken uit de hemel. 12 Jezus slaakte een diepe zucht en zei: ‘Waarom verlangt uw soort mensen een teken? Ik verzeker u: aan mensen als u zal zeker geen teken gegeven worden!’

Een gedachte over “Bijbels koningschap en onze regering”

  1. Jan Andries , ik heb deze preek vol aandacht gehoord .
    Je weet , we hebben er samen over gesproken , ik was tegen de oorlog met Irak .
    Verder wil ik er nu niets over zeggen .
    Met jou mee hoop ik dat we een nieuwe minister – president – CDA – krijgen .
    Je hebt het goed gedaan met deze uitleg .
    En nu denk ik weer aan deze dienst , want je gaat de zegen geven .

    Attie

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *